Woensdag 17 juni stond de voorlaatste onderhandelingsronde voor de cao universiteiten op het programma. De onderhandelingen moesten uitwijzen of er voldoende concrete afspraken gemaakt konden worden voor een nieuwe cao. Waar de vorige rondes nog positief waren, kwamen we nu toch wel een beetje van een koude kermis thuis. Maandag 22 juni is de laatste ronde gepland. Er is echt nog werk aan de winkel.
Bijna alle onderwerpen van de onderhandelingen zijn woensdag besproken. Over een aantal punten was gelukkig niet veel discussie nodig. Zo lijken er op een aantal punten goede afspraken gemaakt te kunnen worden, bijvoorbeeld over de vergoeding van bijzondere diensten en het schrappen van jeugdloonschalen. Tegelijkertijd hadden we ook afspraken willen maken om het recht op onbereikbaarheid vast te leggen in de cao. Daar komen we voorlopig nog niet zo ver mee als we zouden willen.
Nog moeizamer verloopt de discussie over structureel werk voor D4-docenten. De flexibele schil van universiteiten concentreert zich nu voor een onevenredig groot deel bij deze groep: slechts drie op de tien D4-docenten heeft een vast contract. Na vier jaar worden zij ontslagen en in de meeste gevallen vervangen door iemand die precies hetzelfde werk moet doen. De werkdruk loopt daardoor onverantwoord op en de kwaliteit van het onderwijs staat onder druk. De docenten zelf staan eveneens onder druk: zij hebben het extra lastig op de huizenmarkt, wonen vaak ver van hun gezin, zijn kwetsbaar voor sociale onveiligheid en raken gedemotiveerd voor een vak dat zij met liefde zouden uitoefenen. Afspraken over doorstroom en ontwikkeling werken daardoor in de praktijk vaak ook niet. Gelukkig zijn er ook delen van de sector waar D4-docenten wél een vast contract kunnen krijgen en daar gaat het aantoonbaar beter. Onze inzet is en blijft om ervoor te zorgen dat dit veel meer de praktijk wordt, maar dat stuit op onwil.
Maandag staat nog een lange onderhandelingsdag op de planning en die zullen we ook hard nodig hebben. Het doel is natuurlijk om eruit te komen. Als dat lukt, gaan we zo snel mogelijk in gesprek met onze kaderleden om te beoordelen of en hoe we het resultaat kunnen voorleggen aan de leden. Uiteindelijk hebben zij natuurlijk de doorslaggevende stem.
Hoe meer leden, hoe meer invloed. Ben je nog geen lid? Sluit je dan aan bij al je collega’s die dat wel al zijn.
Of maak je collega lid en verdien een tientje!