De fabrieken van kunststofproducent Envalior in Emmen en Geleen draaien vanaf dinsdagochtend 10.00 uur allemaal op halve kracht. De werknemers zijn begonnen aan estafette-acties omdat de directie met hen geen goede cao wil afspreken.
Zondagnacht is als eerste de productie in de Limburgse fabriek teruggeschroefd, maandagochtend gevolgd door één van de drie fabrieken in Emmen. Maandagavond gaat er nog eentje op halve kracht draaien, dinsdagmorgen is de laatste aan de beurt.
Joosje de Lang, vakbondsbestuurder van FNV Procesindustrie: ‘Als er dan nog geen reactie op onze eisen komt dan zetten we woensdag om 12.00 uur alles volledig stil in Emmen en Geleen: fabrieken, kantoor, technische dienst, het hele bedrijf. En dat gaan ze wel merken bij Envalior, want als de machines niet draaien dan wordt er geen geld meer verdiend. Zonde dat de directie het zo ver laat komen. Wij hoopten dat er na onze korte acties van afgelopen week wel een reactie zou komen, maar het blijft ijzingwekkend stil vanuit de directiekamer. Zo dwingt het bedrijf ons tot vergaande acties.'
Het is al weken onrustig bij de producent van zogeheten hoogwaardige kunststoffen voor onder andere de auto-industrie, de bouw en de elektronica. Het grootste deel van de ruim vijfhonderd werknemers is zwaar teleurgesteld in de directie, die niet wil meewerken aan een eerlijke loonsverhoging. Zij vindt 2% erbij genoeg voor de mensen. De FNV eist namens de werknemers 6% en wil dat de salarissen voortaan stijgen als de boodschappen duurder worden (automatische prijscompensatie).
Minstens zo belangrijk vinden de werknemers vaste treden in het loongebouw. Daarmee kunnen zij elk jaar een treetje omhoog gaan en zo steeds beloond worden voor weer een jaar aan extra ervaring in het – zware - werk. Bij talloze bedrijven in de industrie is dit een normale afspraak. Ook hier luistert Envalior niet naar de mensen. Het bedrijf wil wel een nieuw beloningssysteem afspreken, maar daarin gaan werknemers in eerste instantie zelfs inleveren.
De Lang: ‘Daar hebben de werknemers dus niks aan. Zij willen waardering voor hun werk en de zekerheid dat ze ook in de toekomst hun boodschappen en hun rekeningen kunnen betalen. Dat krijgen ze niet met de afspraken die de directie wil maken.’