Wat betekenen langere winkeltijden voor winkelmedewerkers? Volgens Etos-winkelmanager Ingrid Makkelie leiden ze vooral tot meer werkdruk, grotere personeelstekorten en minder vrije tijd. Ingrid werkt al 40 jaar in de detailhandel, waarvan 26 jaar bij Etos. In juni staakte zij samen met collega's voor het behoud van de 100% zondagstoeslag en een leefbaar loon. Nu het kabinet de Winkeltijdenwet wil verruimen, deelt zij haar ervaringen.
Ingrid kan zich nog goed herinneren hoe de verruiming van de Winkeltijdenwet in de jaren negentig begon. ‘Ik zat te denken aan hoe de Winkeltijdenwet ons in 1996 is opgedrongen. Toen was je nog één zondag per maand open. De detailhandel had in die tijd geen problemen om personeel te vinden, maar ik weet nog dat zelfs die ene zondag al lastig te vullen was.’ Volgens Ingrid veranderde dat beeld in de jaren daarna snel. 'Vanaf 2013 ging de ene na de andere winkelketen iedere zondag open. Er kwamen ook meer koopavonden. Want ja, stel je voor dat de concurrent je omzet pakt.’
Vanaf 2019 zag Ingrid de arbeidsmarkt veranderen. ‘Er kwamen wel mensen die specifiek voor de koopavond of zondag wilden werken, omdat die diensten door de toeslag meer opleverden.’ Na de coronaperiode werd het volgens Ingrid steeds lastiger om voldoende medewerkers te vinden. ‘Na corona en de veranderde wensen van consumenten zie je dat de hele detailhandel moeite heeft om vacatures te vullen. Je moet te vaak beschikbaar zijn. Veel vaste medewerkers zijn vertrokken en ook de feestdagen zijn niet meer heilig.’
Volgens Ingrid draait het de laatste jaren steeds meer om zo lang mogelijk open zijn. ‘Vanaf 2025 kwam daar de slogan 'open is verkopen' bij. Winkels willen nóg langer open, omdat dat meer winst oplevert. En die winst wordt ook gemaakt. Terwijl onze lonen achterblijven. Er zijn collega's die meerdere banen nodig hebben om rond te komen.’
Ze vreest dat de druk op werknemers alleen maar verder zal toenemen. ‘Het einde is nog lang niet in zicht. Als de directies ook de zondagstoeslag afschaffen, wordt het nóg moeilijker om personeel te vinden. Je merkt dat werkgevers willen dat winkels langer open zijn én dat dit goedkoper moet. We hebben nu een zondagstoeslag van 100%, maar werkgevers willen daar het mes in zetten. Terwijl die toeslag voor veel collega's een belangrijk deel van het inkomen is.’
Voor Ingrid is de zondag veel meer dan een gewone werkdag. ‘De zondag is de dag waarop je bij je gezin bent, familie bezoekt, gaat sporten of er samen op uit trekt. De zondag is en blijft een dag die nooit als een gewone werkdag moet worden beschouwd, ook al roepen werkgevers nog zo hard dat een zondag hetzelfde is als een maandag.’
Volgens Ingrid hoort goed werkgeverschap verder te kijken dan alleen de openingstijden. ‘Goed werkgeverschap betekent aandacht en respect voor de mensen die het werk doen. Door de vergrijzing wordt het voor veel sectoren alleen maar moeilijker om personeel te vinden. Het afschaffen van de Winkeltijdenwet helpt daar zeker niet bij. Werknemers willen niet langer werken, maar juist een betere balans tussen werk en privé.’
Ingrid heeft daarom ook een duidelijke boodschap voor de politiek. ‘De kracht ligt niet in steeds langer open zijn, maar in open zijn op de momenten waarop veel mensen winkelen. Al jaren blijkt dat dit gemiddeld tussen 10.00 en 18.00 uur is.’ Ze sluit af met een oproep aan het kabinet. ‘Dus overheid: richt je op wat echt nodig is. En als de Winkeltijdenwet wordt aangepast, kies dan voor normale openingstijden én leg de rechten van winkelmedewerkers beter vast. Zodat we zeggenschap houden over onze werktijd én onze vrije tijd.’