Arrogant en respectloos. Zo noemt de FNV de houding van de producenten van tuinzaden. Die hebben het overleg over een nieuwe cao voor zo’n 6.500 werknemers gisteren definitief laten klappen. De vakbond gaat met zijn leden in gesprek over acties.
In een kort mailtje aan de vakbond gaven de werkgevers aan dat ze geen aanknopingspunten zien om de onderhandelingen opnieuw op te starten.
Jeroen Brandenburg, vakbondsbestuurder FNV Agrarisch Groen: ‘Ik ben zwaar teleurgesteld, boos zelfs. Dit is een topsector, met een omzet van miljarden; er zijn de afgelopen jaren heel wat zaadjes verkocht en een aantal eigenaren staat in de Quote 500. Geld genoeg dus. Maar veel werknemers zitten intussen op zwart zaad, zij lopen met hun salarissen al een paar jaar achter op de steeds duurdere boodschappen in de winkel. Toch weigeren de tuinzaadbedrijven een goede cao af te spreken.’
Geen wonder dat de leden van de vakbonden deze week een eindbod van werkgeversorganisatie Plantum hebben afgewezen. Die wil de duizenden werknemers er in twee jaar slechts 5% bij geven (dit jaar 2,5%, volgend jaar nog eens 2,5%). Ook valt er niet te praten over een 80-90-100-regeling, waarmee mensen vanaf hun zestigste minder kunnen gaan werken (80%) maar wel nog 90% van hun salaris houden en volledig pensioen blijven opbouwen. Dit is in vrijwel alle andere agrarische sectoren al geregeld.
Brandenburg: ‘De tuinzaadbedrijven zeggen: wij zijn niet in het leven geroepen om de inflatie te corrigeren. Ook lachen ze het advies weg van de Stichting van de Arbeid om serieus werk te maken van de duurzame inzetbaarheid van mensen. Dat advies noemen de werkgevers ‘maar een mening’ en ze vegen het zo onder tafel. Ik heb heel veel moeite met die houding, dan heb je geen respect voor je mensen.’
Onder de cao voor tuinzaadbedrijven vallen zo’n 6.500 mensen. Zij werken onder andere als telers, gewasverzorgers, veredelaars en onderzoekers voor miljoenenbedrijven als Rijk Zwaan, Bejo Zaden, Enza Zaden, Syngenta en BASF/Nunhems. Die produceren zaden voor voedingsgewassen (groenten, granen, suikerbiet) en investeren in onderzoek.