In Nederland worden nog steeds vakbondsrechten geschonden. Dat blijkt uit de recent gepubliceerde Global Rights Index van de ITUC – het internationaal verbond van vakbonden. Voornaamste pijnpunten zijn dat een aantal werkgevers in Nederland nog altijd onderhandelt met zogenaamde ‘gele’ vakbonden, die niet onafhankelijk zijn. Of ze onderhandelen direct met de ondernemingsraad om loonsverlagingen door te voeren.
Zo weigerde reisorganisatie TUI om cao-onderhandelingen aan te gaan met de FNV. Dit ondanks een petitie van honderden werknemers. In plaats daarvan wilde TUI onderhandelen met de ondernemingsraad. De FNV ging verhaal halen bij de rechter en won.
Petra Bolster: ‘De wetgeving in ons land geeft te weinig waarborg dat er alleen met onafhankelijke vakbonden een collectieve arbeidsovereenkomst wordt afgesloten. Hierdoor is het te makkelijk voor werkgevers om afspraken te maken met ondernemingsraden of ‘gele’ bonden, ook wel bekend als schootbonden. De FNV vindt dan ook dat de wetgeving moet worden aangepast zodat de positie van onafhankelijke vakbonden en hun toegang tot de werkvloer beter wordt vastgelegd in de wet’.
De gebrekkige verankering van vakbondsrechten in de Nederlandse wet is één van de redenen waarom Nederland nog steeds in categorie 2 staat in de Global Rights Index van het Internationaal Vakverbond (ITUC). Deze Index toetst elk jaar de mate waarin rechten van werknemers worden gerespecteerd. In 2022 zakte Nederland voor het eerst van categorie 1 naar categorie 2 in de Index. De Nederlandse overheid onderneemt helaas weinig tegen de verslechtering van arbeidsvoorwaarden van honderdduizenden werknemers.
Dit is de tiende editie van de Index en de resultaten van 2023 laten zien dat er sprake is van een graduele afbraak van werknemersrechten in de wereld. In zowel hoge- als lage-inkomenslanden hebben regeringen hard opgetreden tegen het recht om te staken van werkenden en om collectief te onderhandelen over loonsverhogingen. Dit terwijl werknemers te maken hebben met een historische crisis van de kosten van levensonderhoud en een stijgende inflatieonder meer gedreven door hebzucht van bedrijven.