Instroom in de Regeling Generatiebeleid is alleen mogelijk vanaf 5 jaar voor het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd. Instroom is alleen mogelijk voor werknemers die voorafgaand aan de deelname minimaal acht jaar aansluitend in dienst zijn geweest bij een werkgever (zie artikel 1.1.1. sub a onderdeel 1).
Gebruik maken van een Regeling Generatiebeleid houdt in dat de medewerker een vrijstelling krijgt van een deel van het aantal overeengekomen uren conform de huidige arbeidsovereenkomst. Hierbij dient ten minste 50% van een voltijd dienstverband te worden gewerkt.
De medewerker en werkgever stellen samen vast wat de optimale ondergrens voor de werkbelasting en de functie van deze medewerker is.
De werknemer blijft over ten minste 50% van de urenvermindering salaris ontvangen. Door het terugbrengen van de arbeidsduur worden alle arbeidsvoorwaarden ‘in tijd’ in de cao eveneens teruggebracht naar het gekozen niveau.
Hoofdregel is dat tijdens de deelname aan een Regeling Generatiebeleid, de pensioenopbouw op 100% van de oorspronkelijke contractomvang wordt voortgezet.
De werknemer mag ook kiezen voor een lagere pensioenopbouw, met als ondergrens het niveau waarop hij wordt uitbetaald.
De pensioenpremieverdeling tussen werkgever en werknemer blijft 50%-50%.
Alvorens gebruik te kunnen maken van de Regeling Generatiebeleid dient de medewerker alle PLB-uren die de werknemer heeft opgebouwd tot aan het jaar van deelname aan de regeling op te maken.
Gedurende de periode dat de medewerker gebruik maakt van de Regeling Generatiebeleid ontvangt hij jaarlijks PLB-uren op basis van artikel 12.2.1.