Cookies op websites van de FNV

De FNV gebruikt functionele en analytische cookies die noodzakelijk zijn om de websites zo goed mogelijk te laten functioneren. Deze cookies gebruiken geen persoonsgegevens en hier is geen toestemming voor nodig. Daarnaast maken we gebruik van marketing cookies om de website op jouw voorkeuren af te stemmen. Hiervoor kun je onderstaand toestemming geven. Je kunt je instellingen altijd weer wijzigen op de pagina over de cookies.

Functionele & analytische cookies: Cookies die nodig zijn om te zorgen dat de website naar behoren werkt en om analyse uit te voeren

Marketing cookies

:

Deze cookies gebruiken we om de website op jouw voorkeur af te stemmen.

De scheefgroei van inkomen uit box 3

De afgelopen tijd is er veel te doen geweest over de zogeheten ‘belasting in box 3’. Wij maken ons zorgen over de gevolgen voor ongelijkheid en leggen je uit waarom.

In Nederland betaal je niet over elke verdiende euro evenveel belasting. Dat klinkt ingewikkelder dan het is. De Nederlandse belastingdienst maakt een onderscheid tussen geld dat je als werknemer verdient met je salaris en geld dat je verdient omdat je bijvoorbeeld aandelen hebt. Het eerste soort geld noemen we ‘inkomen uit werk’ en het tweede soort ‘inkomen uit vermogen’. Over inkomen uit werk betaal je over het algemeen meer belasting dan over inkomen uit vermogen. En dat is fijn voor rijke mensen: die hebben vaak naast een hoog salaris namelijk nog veel spaargeld of aandelen.  

Maar de afgelopen tijd is er iets geks gebeurd. De rechter heeft namelijk bepaald dat de belasting die je in Nederland betaalt over vermogen niet goed is geregeld en dat de overheid er per direct mee moet stoppen en op zoek moet naar een andere oplossing. Daardoor lijkt het erop dat de belastingdienst kan fluiten naar de meer dan 4,8 miljard aan verwachtte inkomsten die ze normaal hiervoor krijgt. Bovendien dreigt het de ongelijkheid te vergroten.  

Verdeling-inkomen-box3-2019.png

Het inkomen uit vermogen bestaat uit de rentes die banken betalen aan mensen voor hun spaargeld, maar de grote hoofdmoot is het dividend dat bedrijven uitkeren aan aandeelhouders en de huur die mensen betalen aan hun huisbaas. In Nederland hebben de meeste mensen wel een spaarrekening, maar een tweede huis om te verhuren of een groot aandelenpakket hebben ze niet. Daarom is het inkomen uit box 3 enorm scheef verdeeld.  

Die verdeling laten we zien in de eerste grafiek. De rijkste 10 procent van de Nederlandse huishoudens heeft meer dan 60% van de gehele taart. Het stukje dat overblijft voor de helft van Nederlands minstverdienende huishoudens is nauwelijks meer dan 10%. Het is dus duidelijk dat de meestverdienende Nederlanders ook het meest profiteren van het wegvallen van de vermogensbelasting.

Verdeling-inkomen-werk-2019.png

Maar wie gaat dit nou betalen?

Dat is nog onduidelijk omdat de politiek het oneens is.  

Een ding is in ieder geval onacceptabel: als er geen goede oplossing komt zal dit de ongelijkheid verder zal vergroten. Dan worden namelijk de lasten verschoven van huisjesmelkers en aandeelhouders naar de gehele bevolking en zullen de kassamedewerker, bouwvakker en leraar ook mee moeten betalen. Die zullen de belasting op hun inkomen uit werk zien toenemen en betalen zo voor het wegvallen van een vermogensbelasting waar ze zelf nauwelijks iets aan hadden.  

De top 10% van Nederland is ook hier weer spekkoper, want zoals je ziet in de tweede grafiek is hun aandeel in de verdeling van inkomen uit werk met bijna 30% een stuk kleiner dan die van inkomen uit vermogen, waardoor ze ook een stuk kleiner deel van de rekening moeten betalen. De extra belastingen worden dan meer uitgesmeerd over iedereen.  

Zo zorgt de Hoge raad voorlopig nog niet voor een eerlijker belastingstelsel, maar juist voor meer scheefgroei tussen werk en winst.