Cookies op websites van de FNV

De FNV gebruikt functionele en analytische cookies die noodzakelijk zijn om de websites zo goed mogelijk te laten functioneren. Deze cookies gebruiken geen persoonsgegevens en hier is geen toestemming voor nodig. Daarnaast maken we gebruik van marketing cookies om de website op jouw voorkeuren af te stemmen. Hiervoor kun je onderstaand toestemming geven. Je kunt je instellingen altijd weer wijzigen op de pagina over de cookies.

Functionele & analytische cookies: Cookies die nodig zijn om te zorgen dat de website naar behoren werkt en om analyse uit te voeren

Marketing cookies

:

Deze cookies gebruiken we om de website op jouw voorkeur af te stemmen.

FAQ over de 45 jaar regeling van het onderhandelaarsakkoord VVT

Redactie
Door Redactie 02 juli 2021

Vorige week is er een onderhandelaarsakkoord bereikt over toevoegingen aan de cao over de 45 jaar regeling en de regeling balansbudget. Over de 45 jaar regeling bestaan veel vragen die wij hieronder voor je hebben gebundeld.

FAQ

Ja, de achterbannen van vakbonden FNV, CNV, FBZ en NU’91 en de werkgeversorganisaties hebben ingestemd met het onderhandelaarsakkoord. De regelingen  ‘45 jaar’ en ‘balansbudget’ zijn per 1 september 2021 ingegaan.

De regeling is bedoeld voor werknemers die langdurig zwaar werk hebben verrichten in de zorg. Om in aanmerking te komen voor de regeling moet je aan kunnen tonen dat;

  • je 45 jaar (= 540 maanden) hebt gewerkt in de sector Zorg & Welzijn,
  • waarvan je op het moment van je aanvraag minimaal vijf jaar werkt onder de cao VVT, en
  • minimaal 20 jaar gewerkt hebt in een zwaar beroep.

De cao VVT meldt; je kunt geen gebruik maken van deze regeling voor dat deel van de arbeidsovereenkomst, waarbij sprake is van samenloop met een WIA-uitkering. Dus als je volledig bent afgekeurd en een IVA uitkering krijgt, heb je geen recht op een uitkering vanuit de 45 jaar regeling.

Als je gedeeltelijk arbeidsongeschikt bent, kun je over het gedeelte dat je arbeidsgeschikt bent, wel gebruik maken van de 45 jaar-regeling. Maar het UWV kijkt wel naar de inkomsten die je krijgt, dus daar kan een verrekening plaatsvinden. Of het dan nog aantrekkelijk is gebruik te maken van de 45 jaar regeling, hangt van de specifieke situatie af. Hier is voorlichting dus van groot belang.

Nee, dat hoeft niet. Alle perioden dat je hebt gewerkt worden bij elkaar opgeteld en die moeten samen 540 maanden zijn. Je moet wel aan kunnen tonen dat je 540 maanden in de sector Zorg & Welzijn hebt gewerkt. Als je gestopt bent voor bijvoorbeeld je gezin en daarna weer bent gaan werken, dan kun je vanaf je herstart weer doortellen. Let wel; als je onbetaald verlof hebt genomen en je dienstverband is blijven bestaan, dan tellen ook de maanden van je onbetaalde verlof mee.

Het gaat om werken in dienstverband in:

  • Gezondheidszorg
  • Verpleging, verzorging en begeleiding inclusief woondiensten
  • Welzijn en maatschappelijke dienstverlening.

Alle grote branches horen hierbij en daarnaast ook werknemers in dienstverband bij:

  • UMC’s
  • Huisartsenzorg
  • Apotheken
  • Fysiotherapie
  • Verloskundige zorg
  • Diëtisten
  • Ergotherapie
  • Oefentherapie Cesar/Mensendieck
  • Podotherapie
  • Radiodiagnostiek
  • Tandprothetici
  • Chiropractors

Met zwaar werk wordt bedoeld een functie als uitvoerende medewerker in de directe zorgverlening, huishoudelijke hulpen, individuele en groepsbegeleiding, medische en paramedische functies, activiteitenbegeleiding en dagbesteding, facilitaire diensten zoals schoonmaak, was- en linnenverzorging, technische dienst en onderhoud, keuken, magazijnbeheer, meewerkende hoofden/teamleiders en meewerkende coördinatoren en met deze omschrijving gelijk te stellen functies. Als jij en je werkgever het niet eens worden over de vraag of er is gewerkt in een zwaar beroep, kun je je wenden tot de beoordelingscommissie, die wordt ingesteld op basis van de cao VVT.

Om aan te tonen of je 540 maanden hebt gewerkt, kun je diverse documenten gebruiken:

  • Het overzicht van 'Mijn PFZW' (beschikbaar vanaf de leeftijd van 25 en soms eerder)
  • Opleidingsdocumenten
  • (Oude) arbeidscontracten of brieven van aanstelling
  • (Oude) loonstroken
  • De personeelsadministratie van de huidige werkgever
  • Leer-arbeidsovereenkomsten
  • Bewijzen van co-schappen tijdens de opleiding en specialisatie
  • Perioden van onbetaald verlof, waarbij het arbeidscontract in stand is gebleven

Andere documenten waaruit een dienstverband uit het verleden blijkt, kun je ook gebruiken om aan te tonen dat je 45 jaar werkt in Zorg & Welzijn, maar die zijn ter beoordeling van de werkgever of de beoordelingscommissie, die wordt ingesteld op basis van de cao VVT.

De uitkering van €1.847,- is wettelijk het maximale bedrag dat je per maand kunt ontvangen en vergelijkbaar met een AOW-uitkering voor een alleenstaande. Het is een gelijk bedrag per maand, zonder vakantiegeld of eindejaarsuitkering. Het is niet mogelijk om een hoger bedrag per maand af te spreken.

De uitkering wordt berekend op basis van je laatstverdiende salaris voorafgaand aan het einde van het dienstverband. Dit is inclusief vakantiegeld, eindejaarsuitkering en structurele toeslagen als onregelmatigheidstoeslag. Je krijgt per maand een uitkering uitbetaald. Dit maandbedrag is gemaximeerd op 1.847 euro bruto per maand. Als je laatstverdiende salaris minder is dan 1847euro bruto per maand, krijg je dat bedrag.

Twee voorbeelden: als je nu maandelijks gemiddeld (bruto) 1.500 euro inclusief vakantiegeld, eindejaarsuitkering en structurele toeslagen verdient, dan zal je uitkering niet hoger zijn dan 1.500 euro.  Als je nu (bruto) 2.500 euro inclusief vakantiegeld, eindejaarsuitkering en structurele toeslagen verdient, dan zal je uitkering het maximum van 1847 euro bedragen.

De uitkering duurt vanaf het moment dat je stopt met werken tot je AOW ingaat.

De regeling gaat uit van de basissituatie, de 36-urige werkweek, en neemt het pensioengevend salaris als basis voor de berekening van je uitkering. Dit is een fulltime salaris dat behoort bij jouw functie en wordt voor parttimers vermenigvuldigd met je deeltijdpercentage, bijvoorbeeld 0,55 als je 20 uur per week werkt. Dat wordt in de regeling 'naar rato van het dienstverband’ genoemd. Dit is dezelfde rekenconstructie die wordt gehanteerd voor de berekening van je salaris. Je hoeft de uitkering dus niet meer te vermenigvuldigen met je deeltijdpercentage. 
Bijvoorbeeld; als je voor jouw functie fulltime een bruto salaris (inclusief vakantiegeld en eindejaarsuitkering)  zou ontvangen van €2700,-, dan wordt dit voor jou vermenigvuldigd met je deeltijdpercentage. Is je deeltijdpercentage 0,6 dan kom jij uit op €1620,- (inclusief vakantiegeld en eindejaarsuitkering) per maand. De uitkering zal ook op ongeveer dit bedrag uitkomen.

De regeling gaat uit van je laatstverdiende salaris, inclusief vakantiegeld, eindejaarsuitkering en structurele toeslagen (zoals ort) en structureel meerwerk. In je salaris zit je parttime-factor al verwerkt, dit hoeft dus voor de uitkering niet nog eens.

Twee voorbeelden: als je nu maandelijks gemiddeld (bruto) 1.500 euro inclusief vakantiegeld, eindejaarsuitkering en structurele toeslagen verdient, dan zal je uitkering niet hoger zijn dan 1.500 euro. Als je nu (bruto) 2.500 euro inclusief vakantiegeld, eindejaarsuitkering en structurele toeslagen verdient, dan zal je uitkering het maximum van 1847 euro bedragen.

Nee, de regeling voorziet in een garantieregeling (ook hardheidsclausule genoemd in de regeling) bedoeld voor het geval dat je werkgever onverhoopt failliet gaat. De financiering loopt dan via het  noodfonds van de VVT.

Nee. Als je gebruik maakt van deze regeling - dat kan alleen als je daar zelf voor kiest - dan wordt jouw dienstverband beëindigd. In een vaststellingsovereenkomst wordt vastgelegd dat jij uit dienst gaat, omdat je gebruik maakt van de mogelijkheid te stoppen met werken na 45 (of meer) jaar werken. Je bouwt geen pensioen meer op, je komt niet in aanmerking voor een WW-uitkering en je ontvangt ook een eventuele jubileumgratificatie, die je zou behalen tijdens de uitkeringsperiode niet meer.

Door gebruik te maken van de 45 jaar regeling, ga je uit dienst en bouw je geen pensioen meer op. Als je wenst om door te gaan met pensioenopbouw, dan kan dit onder voorwaarden op vrijwillige basis. Eén van die voorwaarden is dat startdatum van vrijwillig voortzetten meer dan drie jaar voorafgaand aan je AOW-leeftijd moet liggen. En je moet voor een volledige pensioenopbouw de premie geheel voor eigen rekening nemen (dus inclusief het werkgeversdeel). Dit kan bezwaarlijk zijn omdat je dan netto te weinig gaat overhouden. Een alternatief is dan dat je vrijwillig doorgaat met pensioenopbouw, maar slechts voor 50 procent. Dat is hetzelfde deel wat je eerder ook al afdroeg en daardoor misschien niet een te zware belasting. We adviseren je om, voordat je de regeling aanvraagt, eerst goed te oriënteren op je financiële situatie en hierover contact op te nemen met PFZW.

De regeling is bedoeld om geheel te stoppen met werken, omdat je het om gezondheidsredenen niet volhoudt tot je pensioengerechtigde leeftijd. De uitkering is een voorloper van de AOW die je na je pensioengerechtigde leeftijd gaat ontvangen. Je verklaart door ondertekening van de vaststellingsovereenkomst dat je geen betaalde arbeid in dienstverband zult aanvaarden in de periode waarover je de 45 jaar uitkering ontvangt. Als jij kiest om weer te gaan werken of WW aan te vragen, dan heeft je huidige werkgever het recht om de uitkering terug te vorderen, tot de hoogte van je nieuwe inkomsten.