‘Eenzijdige focus op goedkope arbeid, meer arbeidsaanbod of meer gewerkte uren is niet de oplossing om de Nederlandse industrie concurrerend en toekomstbestendig te houden’, stelt Albert Kuiper, vakbondsbestuurder FNV Metaal. De bestuurder baseert zich hierbij deels op het TNO-onderzoek ‘Industriebeleid met aandacht voor kwaliteit van werk’, waar FNV Metaal opdracht voor gaf.
Kuiper: ‘Nederland moet investeren in technologie, innovatie en vakmanschap. En het is opvallend dat ondanks langdurige personeelstekorten geen sterke toename van automatisering zichtbaar is.'
FNV liet TNO onderzoek doen omdat de vakbond een brede discussie wil over de productiviteit en de concurrentiepositie van de Nederlandse industrie. Kuiper: ‘Deze discussie wordt te vaak beperkt tot personeelstekorten en goedkope arbeid. Dat zagen we ook in het Rapport Wennink van eind vorig jaar. Het moet juist gaan over hoe bedrijven het aanwezige vakmanschap benutten, het werk organiseren en welke investeringen in technologische ontwikkeling worden gedaan.’
Een van de conclusies uit het TNO-onderzoek is dat technologie het meeste oplevert wanneer werknemers invloed hebben op het ontwerp, de invoering en het gebruik daarvan. FNV Metaal pleit er dan ook voor om werknemers hier vanaf het begin bij te betrekken. Kuiper: ‘Zo zijn we niet tegen robots, maar wel tegen robots waar werknemers niets over te zeggen hebben.’ Ook hoeft Nederland niet de goedkoopste industrie van Europa te hebben. ‘We moeten een van de productiefste industrieën hebben, en dat lukt alleen met sterke bedrijven én sterke werknemers’, aldus Kuiper.
Op donderdag 3 september debatteert de Tweede Kamer over het Rapport Wennink: De route naar toekomstige welvaart. FNV Metaal roept de Tweede Kamer op om bij verdere uitwerking van het industriebeleid vijf uitgangspunten centraal te stellen die ook staan in de position paper van de vakbond.