Werknemers in de recycling- en afvalsector gaan in april actie voeren als de rekening voor zogenoemde ‘plasticheffing’ in de Voorjaarsnota nog steeds naar de afvalsector gaat. Dat kondigt de FNV aan. Volgens de vakbond raakt deze voorgenomen heffing van €567 miljoen niet de vervuiler, maar juist de bedrijven en werknemers die afval inzamelen, sorteren, recyclen en verwerken.
‘Onze mensen zorgen er elke dag voor dat afval weer grondstof wordt en dat onze straten schoon blijven’, zegt Hanan Yagoubi, bestuurder FNV Publiek Belang. ‘Het is onbegrijpelijk dat juist zij nu de rekening moeten betalen. Dat accepteren wij niet.’
De gevolgen van de plasticheffing zijn groot. Recyclen en verwerken van afval wordt in het buitenland goedkoper dan in Nederland. Dat betekent dat er meer afval over de grens wordt vervoerd, minder werk in Nederland en groene banen die op de tocht staan. Ook dreigen investeringen in verduurzaming stil te vallen. Bovendien gaan burgers nog meer betalen voor hun afvalverwerking, terwijl de belastingen op afval in Nederland al de hoogste in Europa zijn.
De Tweede Kamer nam eerder een motie aan om deze heffing níet bij de afvalsector neer te leggen. Toch is dat in het coalitieakkoord nog niet geregeld. ‘Onbegrijpelijk’, zegt Yagoubi daarover. ‘Wij vinden dat de aangenomen motie gewoon moet worden uitgevoerd. Als het kabinet deze fout niet herstelt in de Voorjaarsnota, dan komen wij in actie. Wij laten onze banen en onze toekomst niet kapotmaken door verkeerd beleid.’
De recycling- en afvalsector is onmisbaar voor de circulaire economie. Werknemers zorgen ervoor dat afval opnieuw wordt gebruikt als grondstof of energie. Daarmee leveren zij een belangrijke bijdrage aan verduurzaming en aan een schoon Nederland.