Chaim (44) begon zijn carrière in de zorg. Hij klom in tien jaar tijd op tot vakbondsbestuurder voor de bouwsector. ‘Ik heb er hard voor gewerkt, maar: had een vrouw met dezelfde papieren deze route net zo snel kunnen doorlopen? Ik betwijfel het.’ Nu zet Chaim zich in voor de gelijke behandeling van vrouwen op de werkvloer.
Je moet echt ballen hebben om dat te kunnen doen’. Dus je moet een man zijn om lef te hebben?
‘Als vakbond zetten we ons vooral in voor verenigingsopbouw, zodat je samen sterk staat als je iets wil bereiken op de werkvloer. Een campagne voor inclusiviteit hoort daar eigenlijk niet bij, daar werf je geen leden mee. Maar het is té belangrijk om niet te doen. In Nederland hebben we nog flinke stappen te maken op dit gebied.’
‘Belangrijk of niet, het project voor meer gelijkheid op de werkvloer werd steeds weer op een zijspoor gezet. Cao-onderhandelingen voor de deur? Een staking? Laat dat project dan maar even liggen. Toen ik tijdelijk projectleider werd, heb ik gezegd: het is juist cruciaal hiermee aan de slag te gaan, dit gaan we niet meer opzij schuiven. Dat werd geaccepteerd. Nu ligt er een uitvoerbaar plan en wordt er bovendien beter samengewerkt met andere initiatieven. Goed nieuws natuurlijk, maar het voelt wel wat dubbel. Ik ben een forse man en mondig, daardoor krijg ik dingen sneller voor elkaar. In dit geval was dat fijn, maar het is óók precies het probleem.’
‘Je hoort vaak zeggen dat vrouwen in de bouwsector een uitzonderingspositie hebben. Ik draai dat altijd om: eigenlijk zijn het de mannen die een uitzonderingspositie hebben. Zij nemen te veel ruimte in. Om te zorgen voor meer gelijkheid tussen mannen en vrouwen, moeten ze wat van die ruimte opgeven. Sommige mannen voelen zich daardoor bedreigd. Maar wens jij je dochter dan niet evenveel ruimte toe als jezelf? Soms moet je een bepaalde positie afstaan, gewoon omdat je dat moreel verplicht bent. Dus stel je wat bescheidener op, laat het woord eens aan een ander.’
‘Dat gevoel dat de positie van mannen bedreigd wordt, heeft gezorgd voor het succes van seksistische macho’s als Andrew Tate, die vinden dat mannen de baas zijn, ook over vrouwen. Best veel jongens volgen hem online. Maar er zijn veel meer jongens die daar niets van moeten weten, zoals mijn zoon. Het is belangrijk dat er een krachtige stem is tegen dit soort seksistische invloeden. Ook daar wil ik mij graag voor inzetten.’
‘De ongelijkheid tussen mannen en vrouwen zit echt in onze cultuur vervlochten: in hoe we met elkaar omgaan, in hoe we dingen benoemen. ‘Je moet echt ballen hebben om dat te kunnen doen’. Dus je moet een man zijn om lef te hebben? Dat bedoelen ze niet. Maar dat betekent het wel. Of wat dacht je van: ‘Je moet niet bitchen’? Iets negatiefs wordt dan weer aan een vrouwelijk woord gekoppeld. Het zit zo diep in onze taal dat mensen, ook vrouwen, het vaak niet eens doorhebben. Maar taal doet ertoe.’
‘Ik ben mij daar ook niet altijd bewust van geweest, hoor. Inclusiviteit? Dat gaat toch om racisme en zo? Dat het ook gaat over je rol in je eigen huwelijk, over hoe je moeder en je dochters behandeld worden, daar dacht ik vroeger niet aan. Toen ik nog in de zorg werkte, was ik mij er ook niet van bewust dat ik méér kon maken dan vrouwen. Dat er naar mij beter werd geluisterd, alleen omdat ik een man ben. Ik maakte juist volop gebruik van die positie, dreef mijn zin door. Ik nam veel te veel ruimte in en kwam daar mee weg. Ik ben mij daar pas langzaamaan bewust van geworden. Dat besef werd sterker toen ik zelf een dochter kreeg. Die wordt nu vrij feministisch opgevoed. Ze zit inmiddels op het gymnasium en ook daar doen jongens soms denigrerend over meisjes. Verbazend, toch?’
‘Je ziet maar, het heeft niet te maken met hoe gestudeerd je bent. Ik heb een kaderlid, die zit op de vrachtwagen. Een stoere kerel van zestig. Laatst zei hij: Ik hoorde pas hoe een vrouw op de werkvloer behandeld werd en vond het grensoverschrijdend. Ik wil dit aanpakken, een plan maken om dit gedrag te elimineren. Eerlijk gezegd was hij de laatste persoon van wie ik dit had verwacht. Deze stoere man stond open voor zelfreflectie. Als hij het kan, kunnen jij en ik het ook. Ik vind dat hoopgevend.’
‘Dus als iemand ergens voor nodig is, schuif dan niet meteen een man naar voren. Zoek een vrouw die de klus net zo goed kan klaren. Of waarom niet gewoon een keer een kadergroep met enkel vrouwen? Als ik dat zeg, zie je sommige mensen wel even schrikken. Maar het is niet dat we nooit een kadergroep met alleen maar mannen hebben gehad.’