Cookies op websites van de FNV

De FNV gebruikt functionele en analytische cookies die noodzakelijk zijn om de websites zo goed mogelijk te laten functioneren. Deze cookies gebruiken geen persoonsgegevens en hier is geen toestemming voor nodig.
Daarnaast maken we gebruik van tracking cookies om de website persoonlijker te maken en op jouw voorkeuren af te stemmen. Geef hieronder jouw toestemming. Je instellingen kun je altijd weer wijzigen op de pagina over Cookies.

:

Marketing cookies

:

Deze cookies gebruiken we om de website op jouw voorkeur af te stemmen.

“Ik koop vooral dure kleding van goede merken. Dan verdienen die naaisters toch genoeg?”

Nee, helaas niet...

Oké, als een jurk nog geen 10 euro kost, verdienen de naaisters ervan natuurlijk nooit genoeg. Maar als ik een jurk van 300 euro van een bekend merk koop, is het loon van de fabrieksmeisjes wel goed, toch?

Nee, helaas niet. De lonen van de fabrieksarbeidsters zijn zo goed als altijd veel te laag, of ze nu voor goedkope fast fashion merken werken of voor duurdere, chique labels. En ook de werkomstandigheden zijn vaak slecht: de meisjes en vrouwen maken hele lange dagen in hete en lawaaiigere fabrieken die ook nog eens onveilig zijn. Uitbuiting dus, bij goedkope én dure merken.

Hoe kan dat nou? Waar gaat mijn geld dan heen?

Veruit het meeste geld dat jij voor je kleding betaalt, blijft bij de winkel en het merk. Een dure winkel in een chique straat betaalt bijvoorbeeld meer huur. En hoe duurder het merk, hoe hoger de kosten voor reclame, marketing, ontwerpers en het hoofdkantoor. Soms zijn de materialen (zoals zijde) van een dure jurk ook beter en dus duurder. 

Maar de arbeidsters in de fabrieken verdienen bijna allemaal hetzelfde, ongeacht het merk waarvoor ze werken. Ze zijn de sluitpost: ze werken in lage lonen-landen, ze zijn arm en hebben dus geen andere keuze dan een te laag loon te accepteren.

Waarom verdienen alle naaisters hetzelfde?

Vrijwel alle bekende kledingmerken bezitten zelf geen fabrieken. Ze besteden het productiewerk uit aan bedrijven in lage lonen-landen. Deze fabrieken werken voor meerdere merken. Zo kan het dat een naaister de ene dag voor een prijsvechter werkt en de andere dag voor een duurder merk. Voor haar loon maakt dat niet uit, dat is altijd hetzelfde: zo laag mogelijk. 
De fabrieken in de lage lonen-landen zijn namelijk felle concurrenten van elkaar: elke tiende cent goedkoper telt. Kledingmerken spelen de fabrieken ook tegen elkaar uit. Ze zeggen: ‘Bij fabriek X kan het nog net iets goedkoper, dus ik wil korting anders stap ik over naar fabriek Y’. De kledingmerken profiteren hiervan, want waarom zouden ze meer betalen dan nodig is?

In een fabriek wordt dan ook voor meerdere merken gewerkt. Het instorten van de fabriek Rana Plaza in Bangladesh (in 2013) is een van de grootse rampen in de textielindustrie. Meer dan 1100 mensen kwamen hierbij om. Tussen het puin werden labels gevonden van goedkope merken (Primark) én duurdere (Mango, Benetton).

En als er nu Made in Italy op staat? In Italië zijn geen sweatshops, toch?

Toch wel. Ook al staat er ‘Made in Italy’ op een label, dan nog kan er sprake zijn van uitbuiting. Zo zijn sommige Italiaanse sweatshops eigendom van Chinese onderaannemers die er Chinezen onder slechte omstandigheden voor te lage lonen laten werken. In illegale fabrieken werken soms Aziatische of Afrikaanse migranten tegen zeer lage lonen en in slechte omstandigheden. 

En ja, ook grote, dure merken zoals Louis Vuitton, Armani, Prada en Dior, laten hun spullen (deels) maken in Italiaanse fabrieken waar werknemers in slechte omstandigheden voor veel te lage lonen werken. Ook zij maken zich schuldig aan uitbuiting, hoe duur hun jurken of tassen ook mogen zijn.

Is dat altijd zo, of zijn er uitzonderingen?

Ja, die zijn er zeker. Sommige kledingmerken zijn duurder juist omdat ze eerlijke, leefbare lonen willen voor iedereen: van ontwerper tot naaister. Zij hebben vaak keurmerken als Fair Trade. Of ze zijn aangesloten bij Fair Wear Foundation, dat de fabrieken van aangesloten merken controleert op misstanden door Verification Officers. Zij zijn jouw geld dubbel en dwars waard!

Kan ik ook wat doen om de maaksters van mijn t-shirt te helpen?

Super dat je wilt helpen!

Een eerste, makkelijke stap is om ons op Facebook te liken, dan blijf je op de hoogte van onze acties en krijg je informatie die je onder je vrienden kunt verspreiden. Ook kun je je abonneren op onze nieuwsbrief. In beide gevallen ontvang je veel praktische tips over wat jij kunt doen om de textielindustrie op te schonen.

Karen van eerlijkwinkelen.nl tipt hoe het anders kan

Een aantal merken die je vast wel kent uit de winkelstraten, zoals Expresso, Filippa K. en SuitSupply zijn aangesloten bij Fair Wear Foundation. Ook een behoorlijk aantal buitensportmerken doet mee met Fair Wear. Op de site van Fair Wear vind je heel makkelijk welke merken goed op weg zijn naar verbeterde arbeidsomstandigheden. Mondiaal FNV werkt samen met Fair Wear Foundation & CNV Internationaal in een Strategisch Partnerschap met het ministerie van Buitenlandse Zaken [link invoegen]. 

Als je een stapje verder wil gaan kies je voor een merk dat zich laat voorstaan op fair trade. Zoals bijvoorbeeld het Engelse People Tree, een pionier op het gebied van fair trade (26 jaar geleden begonnen!) en met een fair trade keurmerk. Het is goed verkrijgbaar in Nederlandse (web)winkels. 

Voorbeelden van Nederlandse merken die hun kleding onder faire omstandigheden laten produceren zijn Kuyichi en Miss Green. Verkrijgbaar in verschillende (web)winkels en via de webshops op hun eigen sites.