Agnes Jongerius

De carrière van Agnes Jongerius is die van een klassieke vakbondsvoorzitter: zij heeft alle disciplines binnen de FNV doorlopen. Van regionaal bestuurder tot landelijk cao-coördinator.

Agnes_zebra-450x300

Maar zij is ook de uitzondering op de regel: als eerste vrouw bemachtigde zij de hoogste functie binnen een traditioneel mannenbolwerk. Het tekent de in De Meern geboren tuindersdochter Jongerius (1960, sterrenbeeld Schorpioen) die bekend staat als een doorzetter. Een slimme en scherpe onderhandelaar ook, die nooit het belang van haar leden uit het oog zal verliezen. 

Studiebol

'Studiebol' Jongerius is eigenlijk historica. Zij studeert sociaaleconomische geschiedenis op de Rijksuniversiteit in de Domstad en behaalt in 1988 cum laude haar doctoraal examen. Maar al een jaar eerder solliciteert zij - nog voor ze haar bul behaalt - met succes bij de vakbeweging.

Niet zachtzinnig

Jongerius leert het vakbondsmétier the hard way: als bestuurder bij de Vervoersbond FNV waar de omgangsvormen destijds niet bepaald zachtzinnig waren. De eerste drie jaar is zij regiobestuurder in Rotterdam met de binnenscheepvaart en het beroepsgoederenvervoer in haar pakket: "Ik had nog nooit een schip, een vrachtwagen of een fabriek van binnen gezien."
Dat verandert snel. Vervolgens komt zij in 1990 in het bondsbestuur waar zij verantwoordelijk is voor de beleidsterreinen arbeidsmarkt, scholing en arbeidsomstandigheden.

'Gelijk aan mijn kant'

In 1997 maakt Jongerius de overstap naar het bestuur van de vakcentrale. Een van haar eerste portefeuilles in die functie is onder andere de zware sociale zekerheid. Haar betrokkenheid met de zwakkeren in de samenleving kan zij in die functie voluit handen en voeten geven: "Aan ieder verhaal zitten doorgaans twee kanten. Maar als het gaat over gesubsidieerde arbeid en armoedebestrijding weet dat ik het gelijk aan mijn kant heb.''

Cao-coördinator

Na wisselingen van de wacht binnen het federatiebestuur wordt zij eerst cao-coördinator en vervolgens vicevoorzitter van de FNV. Zij bereidt in de nazomer van 2003 het Najaarsakkoord voor en bedenkt vervolgens  dat de 1,2 miljoen leden zich daarover voor het eerst via een referendum moeten uitspreken: een logistieke stunt van jewelste, maar vooral ook een opsteker voor de vakbondsdemocratie.

Hard gevecht

Als dat broze akkoord in het voorjaar van 2004 na een enorme clash met de toenmalige minister van Sociale Zaken Aart-Jan De Geus sneuvelt, maakt de FNV zich onder aanvoering van Jongerius' voorganger Lodewijk de Waal op voor een hard gevecht. Jongerius vervult in dat roerige jaar de sleutelrol van actiecoördinator. En met succes: op 2 oktober vindt op het Amsterdamse Museumplein de grootste vakbondsdemonstratie ooit plaats.

Zware taak

Na Wim Kok, Hans Pont, Johan Stekelenburg en Lodewijk de Waal wordt Agnes Jongerius in mei 2005 gekozen tot de vijfde voorzitter van de FNV, en als zodanig is zij de Grande Dame van de Nederlandse vakbeweging. Bij haar aantreden als FNV-voorzitter geeft Jongerius een belangrijk persoonlijk statement af: " Wij zijn een brede maatschappelijke organisatie, die staat voor de verbinding tussen groepen (werknemers, uitkeringsgerechtigden, vrouwen, jongeren, allochtonen) in de samenleving. Die verbinding, dat is denk ik de zwaarste taak die wij ons zelf opleggen."

Citaten van Agnes Jongerius

  • 'Gemiddeld kom ik op zo'n 70 tot 80 uur per week. Als ik vroeg thuis ben, is dat tussen acht en negen en als het laat is, is het na elf of twaalf uur. Maar ik heb gelukkig een auto met chauffeur. Ja die eigen chauffeur die bij de baan hoort, vind ik nog steeds een beetje gênant…' (Volkskrant Banen, mei 2007)
  • 'Ik vind dat de FNV trots moet zijn op haar katholieke oorsprong, zoals ik trots ben op mijn katholieke opvoeding. De katholieke wortels hebben een meerwaarde voor het werk dat wij doen.' (Volzin, augustus 2006) 
  • 'Werk en vriendschap moet je gescheiden houden. Mijn beste vrienden lopen niet rond op het hoofdkantoor van de FNV. Graag goede omgangvormen op het werk, maar vriendschap hoeft niet.' (GPD, februari 2005)
  • 'Waar ik tegenop zie, is dat ik straks altijd in de wedstrijd moet zijn. Altijd scherp moet zijn. Dat je nooit even ongegeneerd chagrijnig mag zijn.' (GPD, februari 2005)
  • 'Ik heb een beta-brein, een vakjesbrein. Ik deel alles in, ik houd het graag overzichtelijk. Dat deed ik als kind al.' (Volkskrant, december 2004)