De FNV ervaart het concurrentiebeding als een struikelblok voor de arbeidsparticipatie en -mobiliteit. Schrap je het beding, dan bevorder je een beter werkende en flexibelere arbeidsmarkt, zo stelt de vakcentrale.
Ander bezwaar - dat voor de FNV misschien nog wel zwaarder telt - is van principiële aard: het concurrentiebeding belemmert de werknemer in zijn vrijheid van arbeidskeuze na beëindiging van de arbeidsovereenkomst.
De FNV is voorstander van een volledig wettelijk verbod op het concurrentiebeding. Een werkgever die schade lijdt doordat zijn ex-werknemer hem op een onbehoorlijke manier concurrentie aandoet, heeft geen concurrentiebeding nodig. De wet bevat al een bepaling waarop hij zich kan beroepen om te voorkomen dat zijn ex-werknemer hem schade toebrengt of om geleden schade vergoed te krijgen.
De bestaande wettelijke bevoegdheid van werkgevers om een concurrentiebeding te sluiten, geeft werkgevers een voordeel waar zij niets tegenover hoeven stellen. De FNV vindt dat oneerlijk en onredelijk. Als de wetgever dan toch zo nodig werkgevers wil beschermen ten koste van werknemers dan moet de wet worden gewijzigd.