Postbezorger Dieuwke Feenstra: ‘Ik moet hard fietsen voor weinig geld’
02-12-2011Gerommel in de postmarkt bestaat al jaren. FNV Bondgenoten publiceerde in 2007 een zwartboek, maar anno 2011 zijn de problemen voor flexwerkers nog steeds actueel. Kleine contracten, lage lonen, geen fietsvergoeding. Postbezorger Dieuwke Feenstra weet er alles van. Ze werkt sinds 2007 bij Netwerk VSP. “Ik vind dat je qua salaris moet kunnen groeien na een jaar.”
Elke woensdag rond 10 uur kan het gezin van Dieuwke Feenstra (1958) de keuken niet in. Dan komen de postbakken het huis binnen die de gehele keuken beslaan en gesorteerd dienen te worden. Op donderdag en vrijdag brengt Feenstra de post rond. “Vorige week had ik 25,8 kilo te verwerken. Dat doe ik wel in één keer, want dan ben ik ervan af. Je fiets moet voor dit werk stevig zijn, maar dat is-ie niet. We krijgen geen vergoeding voor de fiets. Deze week kreeg ik via het werk een aanbieding voor de aanschaf van een nieuwe. Die kostte ondanks de aanbieding 429 euro. Daar moet ik heel lang voor werken! Het is een typische postbike, waarbij je voorop de fiets een krat kunt zetten. Hij ziet er goed uit, maar is voor mij onbetaalbaar.”
Ze werkt op contractbasis, minimaal 3 uur, maximaal 16, bij Netwerk VSP, een dochter van TNT. “Het salaris wordt berekend op het aantal poststukken”, legt Feenstra uit. “Zij rekenen daar uren voor die niet kloppen. Deze week moest ik 130 poststukken aan 101 adressen brengen. Het gewicht ervan was 10,7 kilo en dat geeft een salaris van 13,61 euro. Volgens de formule doe ik er in totaal 1,655 uur over om alle post te bezorgen. Maar het moet eerst gesorteerd worden; daar ben ik 3 kwartier mee bezig. Dan het bezorgen zelf, dat kost me een uur en 3 kwartier. Dan kom je dus uit op 2,5 uur.”
In mei kreeg ze van haar werkgever een kaartje met de mededeling dat haar werk was uitgebreid. “Dat bleken 2 dorpen te zijn met 841 huizen, een bezorggebied van ongeveer 25 kilometer. Voor één huis had ik 2,5 kilometer moeten fietsen. Dan zeggen ze: ‘Het is heel mooi weer’, maar ik moet hard fietsen voor heel weinig geld. Ik kan er niet van sparen. En ik kreeg voor die uitbreiding geen loonsverhoging. Dat heb ik geweigerd.”
Na 4 weken kreeg ze een kleiner bezorggebied. Ze is daarom wel te spreken over Netwerk VSP. “Ik kan goed opschieten met mijn postcoördinator. Toen ik klaagde over die wijkuitbreiding, gaven ze me uiteindelijk wel gelijk. Bij andere postwerkgevers lijkt het wat minder plezierig.”
Ze werkt sinds september 2007 bij de post. “Eerst op basis van OVO. Sinds april 2010 heb ik 6-maandscontracten. Nu zit ik in het 3e contract. Ik denk dat ze me op 1 oktober 3 maanden thuis laten zitten en dan weer in dienst nemen.”
|
Het loon, benadrukt Feenstra, is heel laag. “Mijn oudste zoon is 23 en die zou net zo veel verdienen als ik, terwijl ik zo veel ervaring heb. Dat is wel frustrerend. Je hebt werk, maar je moet wel fatsoenlijk betaald worden. Ik heb samen met mijn man 3 kinderen en ik vind dat we daar ook financieel samen voor moeten zorgen. Het voordeel van flexwerk is wel dat ik mijn eigen tijd in kan delen. Maar we worden wel onderbetaald en er zijn ook geen groeimogelijkheden. Ik vind dat je qua salaris moet kunnen groeien na een jaar.” Andere ergernissen: “De fietstassen die we van de werkgever krijgen, zijn niet praktisch. Ze zijn te slap en te diep. Sommigen doen er een bananenkistje in om ‘m te verstevigen, maar dan blijkt-ie nog te diep. Je moet extra bukken om de post te pakken. Ik had al fietstassen die heel handig zijn. Die gebruik ik nu. Die kun je ook heel goed dichtklitten, terwijl de tassen van het werk soms openwaaien.” Feenstra zegt geen andere keuze te hebben dan dit flexwerk bij de post. “Ik ben bij bijna alle uitzendbureaus geweest, maar ze vinden me te oud of te ‘blond’. Randstad wilde me niet inschrijven, omdat ik in de laatste 5 jaar geen betaald werk had gedaan. Ik heb wel altijd meegeholpen in de sportschool van mijn man, maar dat telde blijkbaar niet. Mijn serie diploma’s in de administratie zouden verouderd zijn, dus ik moest eerst goede diploma’s halen. Dat wil ik wel, maar dan liever in iets wat ik echt leuk vind. Uiteindelijk ben ik dus bij de post terechtgekomen. In september begin ik wel met een naaicursus costumière.” Feenstra heeft zeker dromen voor de toekomst. “Misschien begin ik ooit een eigen bedrijf, bijvoorbeeld in de kleding of de voeding. Ik wil ook nog een cursus voedingsconsulente doen. Dat is goed te combineren met kleding. Als mensen gaan afvallen, hebben ze nieuwe kleren nodig.” Door haar activiteiten binnen de Klankbordgroep Post van FNV Bondgenoten weet ze wat er speelt binnen de sector. Ze ging vorig jaar mee naar Den Haag om te demonstreren en te praten met Ruud Vreeman, die begin 2011 een advies uit moest brengen over de situatie bij de post. De grootste verbetering in de sector zou dan ook loonsverhoging moeten zijn. Maar Feenstra ziet meer knelpunten, waaronder het gebrek aan pensioenopbouw. Geen enkele postbezorger spaart voor pensioen via de werkgever. Ook het ontbreken van een fietsvergoeding is een gemis. “Mijn fiets raakt nu echt versleten. We krijgen ook geen vergoeding bij reparatie. Ik wil niet mijn hand ophouden bij mijn man. Het is eigenlijk heel logisch dat het postbedrijf zorgt voor een goede fiets.” |
Post Aantal werknemers 107 duizend, waarvan circa 40 procent flexwerkers. Soorten contracten
Bij de nieuwe postbedrijven werken 30 duizend werknemers, vooral huisvrouwen, jonggepensioneerden en scholieren, die allemaal een overeenkomst van opdracht (OVO) hebben. Bij PostNL met 77 duizend werknemers is 18 procent Ontwikkelingen Vanaf 2000 werd de postmarkt geliberaliseerd, waarmee de monopoliepositie van het staatspostbedrijf werd opgeheven. TNT Post kreeg concurrentie van nieuw opgerichte postbedrijven, zoals Sandd en Selekt Mail. TNT Post kocht zelf Netwerk VSP op. De nieuwe bedrijven gingen partijenpost goedkoper bezorgen. Dat ging ten koste van de werknemers. Postbodes werden te duur, goedkopere postbezorgers namen hun plek in. Tegelijkertijd kregen de bedrijven, door toename van automatisering en mailverkeer, minder post te verwerken. Deze volumedaling leidde tot een prijzenslag. TNT Post kondigde in 2007 aan met 11 duizend fte te zullen inkrimpen. Dat valt niet met natuurlijk verloop op te lossen, waardoor de werkgelegenheid onder druk staat. TNT Post is na afsplitsing van TNT Express in mei 2011 verdergegaan als PostNL. Knelpunten flexwerk
De nieuwe postbedrijven gaven postbezorgers geen arbeidsovereenkomst maar een OVO. Geen cao, maar stukloon. Geen doorbetaling bij ziekte, geen doorbetaalde vakantiedagen en geen verzekering tegen werkloosheid of arbeidsongeschiktheid. Geen recht op minimumloon. De postbodes van TNT Post/PostNL, met In 2007 namen de bonden duidelijk stelling in de ontwikkelingen op de postmarkt. FNV, CNV en de specifieke postbonden brachten het manifest ‘Liberalisering Postmarkt ongewenst’ uit. FNV Bondgenoten publiceerde er nog een zwartboek achteraan, over de misstanden waar de nieuwe postbezorgers mee te maken kregen. De bonden maken zich sterk op twee fronten. Abvakabo FNV maakt zich hard voor behoud van werkgelegenheid voor de met ontslag bedreigde postbodes en sorteerders van TNT Post/PostNL. Eind 2010 waren er stakingen nodig om met de werkgever een principeakkoord te kunnen afsluiten over vermindering van het aantal ontslagen. FNV Bondgenoten stelt alles in het werk om de postbezorgers die met een OVO werken, een deugdelijk arbeidscontract te bezorgen. Onder druk van de bonden vroeg de verantwoordelijk staatssecretaris oud-vakbondsman en burgemeester Ruud Vreeman om advies. Vreeman stelde dat een OVO niet past bij de onderkant van de arbeidsmarkt en dat postbezorgers een normale arbeidsovereenkomst moeten krijgen. Hij adviseerde een ingroeimodel, waarbij uiterlijk eind 2013 80 procent van de postbezorgers een arbeidsovereenkomst krijgt. In een nieuwe cao Postverspreiders (april 2011) hebben werkgevers en werknemers hierover afspraken gemaakt. |

